Ontwikkelingen binnen het sociaal domein

Betreft: ontwikkelingen binnen het sociaal domein
Geachte formateur, geachte formerende partijen,
De Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk (ASD) is bij gemeentelijke verordening ingesteld om het college van burgemeester en wethouders gevraagd en ongevraagd te adviseren over beleid binnen het sociaal domein. Dat omvat onder meer de Wmo, jeugdzorg, bestaanszekerheid, participatie en sociale basisstructuur.
U gaat een nieuw een nieuw collegeakkoord voor de komende vier jaar opstellen en een nieuw college van B&W formeren. Met het oog daarop wil de ASD een aantal belangrijke ontwikkelingen in het sociaal domein onder uw aandacht brengen. Deze zullen in de komende jaren op uw pad komen en daarom adviseren wij u hiermee rekening te houden bij het opstellen van een nieuw collegeprogramma. We sluiten hierbij aan bij de oproep die we in augustus 2025 hebben gedaan aan alle politieke partijen in relatie tot hun verkiezingsprogramma.


1. Demografische ontwikkelingen
De samenleving verandert in hoog tempo. Het aantal inwoners groeit door natuurlijke aanwas, migratie en omdat mensen gemiddeld langer leven. In relatie hiermee neemt de vraag naar zorg in gelijke mate toe. Deze ontwikkeling is ook van toepassing op de bevolking in onze gemeente.
Tegelijkertijd is er sprake van ontgroening, ook op de arbeidsmarkt. Het aantal mensen dat in de zorg werkt is daarom onvoldoende om de vraag naar zorg te beantwoorden. De komende jaren zal het verschil tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt alleen maar groter worden en zullen de kosten stijgen.
Ten gevolge van dit ‘zorginfarct’ zal het aanbod van zorg en hulp naar verwachting kleiner worden. en zullen burgers meer zelfredzaam moeten worden. Dat klinkt negatief, maar dat hoeft niet zo uit te pakken. Zo blijkt uit landelijke experimenten dat de kwaliteit van leven stijgt bij toenemende zelfredzaamheid en samenredzaamheid. Het is naar ons oordeel daarom belangrijk dat gemeente Oisterwijk voorwaarden creëert waardoor inwoners die verantwoordelijkheid kunnen nemen. Het stimuleren van actieve buurten, buurtopbouwwerk, ondersteunen van vrijwilligerswerk en mantelzorg, het creëren van ontmoetingsplekken et cetera zijn essentieel om de kwaliteit van leven te borgen en de kosten van zorg betaalbaar te houden.
In relatie hiermee zijn voor de komende raadsperiode de volgende vragen van belang. Wilt u de lokale wet- en regelgeving aanpassen en investeren in een meer evenwichtige samenlevingsopbouw in wijken en de buurten? Wilt u vrijwilligerswerk stimuleren zodat verenigingen en instellingen hun goede werk kunnen blijven doen? Wilt u investeren in de uitbreiding van ondersteuning van mantelzorg als voorwaarde voor haalbare zorg?


2. Jeugd en jeugdhulp
Gelukkig gaat het met veel jongeren goed. Maar helaas gaat het met een toenemend aantal minder goed. De afgelopen jaren is de vraag naar jeugdzorg landelijk gestegen van 8,5% in 2015 naar ruim 14% in 2025. Micha de Winter (emeritus-hoogleraar pedagogiek) geeft hiervoor de volgende verklaringen:


• De samenleving geeft meer prikkels en verleidingen voor jongeren.
• Door complexere problemen en verbeterde diagnostiek is er meer behoefte aan professionele expertise.
• We vergroten diagnoses en problemen uit; we zijn steeds beter in het duiden van wat niet goed gaat.
• Jongeren lijken steeds minder terecht te kunnen in de directe sociale omgeving zoals familie, leraren, trainers.
• Succesverhalen op sociale media leiden tot overspannen idealen.


Op grond van de inhoud van de zorgvraag en om de kosten beheersbaar te houden is het versterken van preventie en directe begeleiding van jongeren in buurten en op scholen nodig. Versterken van leerlingbegeleiding, (school-)maatschappelijk werk, opvoedingsondersteuning, normalisering, buurtgezinnen en preventie zijn dringend noodzakelijk om de opvoedingskwaliteit te verbeteren, om exclusie van jeugd te voorkomen en de kosten te beheersen.
Voor de komende raadsperiode is dan ook de vraag of u middelen wilt reserveren voor preventie en directe begeleiding van ouders en jongeren om zeer dure tweedelijns jeugdzorg te beperken. Denk daarbij ook aan begeleiding van echtparen met relatieproblemen waardoor kinderen problemen krijgen. Dit soort investeringen zal naar verwachting meer dan gecompenseerd worden door lagere kosten voor jeugdhulp.


3. Woningmarkt
De wachttijden voor sociale huurwoningen zijn lang, de huren in de vrije sector zijn hoog en koopwoningen zijn voor starters niet te betalen. Jeugdigen wonen noodgedwongen langer bij hun ouders. De doorstroming vanuit het AZC stokt. Veel ouderen zoeken tevergeefs naar een levensloopbestendige woning en het aantal eenpersoonshuishoudens groeit. Een passend antwoord op deze situatie is tot heden niet gevonden.
Sterke sturing op sociale en kleinschalige woningbouw en versoepeling van regelgeving en taaie bureaucratische procedures is noodzakelijk. Dit vraagt om politieke moed tegenover ‘het geweld’ van de bouwmarkt. Voor de komende raadsperiode is de vraag of u bereid bent om deze handschoen op te pakken.


4. Stel de inwoner centraal
Veel inwoners hebben niet het gevoel dat de (lokale) overheid zich bekommert om hun problemen. Het vertrouwen van de inwoners in de overheid neemt af. De gemeente Oisterwijk heeft mooie stappen gezet om dat vertrouwen te herstellen. In alle kernen zijn projecten uitgevoerd waarbij bewoners kunnen aangeven wat zij belangrijk vinden voor de ontwikkeling van hun kern. Dat zijn belangrijke eerste stappen, maar in een aantal gemeenten, ook in de regio, zijn verdergaande initiatieven genomen.
Denk hierbij aan het instellen van een burgerberaad, het uitvoeren van projecten zoals ‘van ik naar wij’ en het mogelijk maken om buurtinitiatieven te verwezenlijken. Ook dit vraagt om politieke moed. Bent u bereid hieraan in de komende raadsperiode uitvoering te geven?


5. Tot slot
De ASD heeft niet de pretentie met het bovenstaande een volledig en alomvattend beeld te schetsen van de te verwachten ontwikkelingen in het Sociaal Domein. Onze intentie is vooral u mee te nemen in een aantal ontwikkelingen en u te inspireren tot het maken van bestuurlijke keuzes over deze vraagstukken in het nieuwe collegeakkoord. Dat geeft inwoners inzicht in de vraag hoe het nieuwe gemeentebestuur denkt over voor hen belangrijke zaken en kan bijdragen aan vergroting van vertrouwen van inwoners in het gemeentebestuur.
Als u vragen en/of opmerkingen hebt n.a.v. deze brief, dan gaan wij daarover graag met u in gesprek. U kunt daarvoor contact met ons opnemen via secretariaat@asd-oisterwijk.nl
Met vriendelijke groet,


Namens de Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk,
Jos de Kort, voorzitter


Hans Pijnenburg, secretaris

Reactie op ongevraagd advies van ASD d.d. 21 augustus 2025

Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,

Op 21 augustus 2025 heeft u ongevraagd advies uitgebracht aan het college over het transformatieplan sociaal domein van de Regio Hart van Brabant. Allereerst bedanken we u voor uw inzet en het meedenken over het sociaal domein in het belang van onze inwoners.
Algemene reactie van het college
De aanleiding voor uw advies komt voort uit het transformatieplan van de Regio Hart van Brabant. U geeft daarbij aan zorgen te hebben over de zorgvuldigheid van het gelopen proces en rol die gemeenten en adviesraden hebben gehad. Daarnaast geeft u een scherpe analyse op de inhoud van het transformatieplan. Tot slot geeft u ons een aantal concrete adviezen.
Uw advies is een uitgebreid en scherp advies. Wij herkennen verschillende van de door u geschetste aandachtspunten. Wij stellen vast dat de vorm en inhoud in het transformatieplan soms door elkaar lopen. Omdat uw advies inhoudelijk gericht is op de regionale samenwerking heeft wethouder Dion Dankers uw brief ingebracht op het Poho sociaal van de Regio Hart van Brabant. De portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten hebben afgesproken om een gezamenlijke reactie te sturen vanuit de Regio.
Namens de Regio Hart van Brabant is er inmiddels een uitgebreide reactie opgesteld. Daarin worden enkele zaken opgehelderd en wordt beschreven wat er met de gegeven adviezen wordt gedaan.
De reactie van de Regio Hart van Brabant is gericht op de door u beschreven:
• Aanleiding
• Analyse van het proces tot op heden
• Analyse van het uitvoeringsplan
• Advies 4.
Voor de reactie hierop verwijst het college naar de bijgevoegde brief van de regio Hart van Brabant (bijlage 1).
De adviezen 1 tot en met 3 zijn gericht aan het college van de gemeente Oisterwijk. Hieronder zullen we afzonderlijk reageren op deze adviezen.
Voor de leesbaarheid raden we aan om eerst kennis te nemen van de gezamenlijke reactie vanuit de Regio Hart van Brabant en daarna van deze reactie door het college.
Naast onze reactie op uw advies zijn de volgende bijlagen toegevoegd:
Bijlage 1: Beantwoordingsbrief van de Regio HvB op het advies van de ASD
Bijlage 2: Transformatieplan sociaal domein Regio HvB
Bijlage 3: Adviesnota Transformatiesturing
Bijlage 4: Rapport Transformatiesturing SD Regio HvB (bijlage 3 en 4 vormen samen de bestuurlijke opdracht en bijbehorend advies met betrekking tot de gewenste regionale transformatiesturing. Dit proces is voorafgegaan aan de totstandkoming van het Transformatieplan)


Reactie op advies 1:
U vraagt om een duidelijke formulering van knelpunten en een realistische aanpak binnen bestaande structuren. We onderschrijven het belang van een heldere probleemanalyse. De beschreven knelpunten in het transformatieplan zijn gebaseerd op het advies van Hiemstra en de Vries. Dit advies is als bijlage toegevoegd aan het transformatieplan. Input voor dit advies is opgehaald onder andere bij de regiogemeenten zelf en dus ook bij Oisterwijk. Om die reden zien we nu geen aanleiding om opnieuw knelpunten te formuleren ten aanzien van de regionale samenwerking.
U pleit voor een realistische prioritering binnen de bestaande structuren. Binnen de bestaande structuren is er op allerlei vlakken al sprake van samenwerking in de regio met inzet van capaciteit, tijd en geld. Zoals beschreven lopen we tegen een aantal knelpunten aan waaronder een prioritering. Wij zijn van mening dat het transformatieteam juist kansen biedt op dat terrein. Tegelijkertijd herkennen we in uw advies dat een meer concrete aanpak noodzakelijk is om daadwerkelijk verschil te kunnen maken. Daarom zullen wij het verdere proces nauwlettend volgen en waar nodig bijsturen.


Reactie op advies 2:
U benadrukt het belang van borging van verantwoordelijkheid en invloed van de gemeenteraad. In de gezamenlijke reactie vanuit de Regio Hart van Brabant wordt een uitgebreide toelichting gegeven op de betrokkenheid en bevoegdheid van raad en college wat betreft regionale samenwerking.
Wij zijn van mening dat het transformatieplan duidelijker had kunnen beschrijven dat er geen sprake is van beleidsvorming die inwoners direct raakt. En enkel gaat over de regionale samenwerkingsstructuur. We gaan ervan uit dat met deze toelichting voldoende helder is dat de rol van raad en college niet verandert.


Reactie op advies 3:
U adviseert de inkoop Jeugdzorg 2027 te behandelen als hoog risicoproject. Daarmee zijn we het met u eens. Ook in de reactie vanuit de Regio Hart van Brabant wordt u daarin gesteund. Dit traject krijgt daarom prioriteit en wordt door de Regio Hart van Brabant zorgvuldig voorbereid. We werken aan een planning die voorkomt dat het proces onder tijdsdruk komt te staan, zoals in 2022 gebeurde. De adviesraden worden betrokken bij dit proces en we zullen u actief informeren over de voortgang, de momenten van besluitvorming en de wijze waarop uw advies kan worden ingebracht. Het doel blijft dat jeugdige inwoners adequaat geholpen worden en dat financiële risico’s zoveel mogelijk worden beperkt.


Conclusie
Wij waarderen uw uitgebreide en zorgvuldige advies ten aanzien van het transformatieplan. Dit plan is het begin van een traject met als doel de regionale samenwerking te verbeteren. We zijn het met u eens dat het plan onvoldoende helder was over de rol, taken en verantwoordelijkheid van het transformatieteam van de Regio Hart van Brabant. De Regio hart van Brabant biedt aan om daarover in gesprek te blijven en het college sluit zich daar graag bij aan. We kijken uit naar een voortzetting van de samenwerking en waarderen de betrokken inzet van de adviesraad voor het welzijn van onze inwoners.
Met vriendelijke groet,
het college


Judith Koppers-van der Krabben a.i. Hans Janssen
Gemeentesecretaris Burgemeester

Reactie advies transformatieplan

Door Regio Hart van Brabant

Brief aan de formateur en de politieke partijen in Oisterwijk

Op 18 maart jl. zijn verkiezingen gehouden voor de gemeenteraad. PGB, VVD en D66 hebben met elkaar afgesproken een nieuw college te gaan vormen. Op dit moment praten ze met elkaar over wat ze de komende jaren willen bereiken voor de inwoners van Oisterwijk, Moergestel, Haaren en Heukelom. Op 31 maart jl. stuurde de Adviesraad Sociaal Domein een brief aan de formateur en de formerende partijen. Daarin heeft de adviesraad aangegeven wat voor de komende jaren belangrijk is.

De Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk (ASD) is door de gemeente ingesteld om het college van burgemeester en wethouders te adviseren over het zogenoemde sociaal domein. Dat domein gaat over:

  • De Wmo (zoals thuishulp, hulpmiddelen, ondersteuning mantelzorg, begeleiding etc.)
  • De jeugdzorg
  • Bestaanszekerheid (omgaan met armoede)
  • Inburgering van nieuwkomers
  • Over het deelnemen van de inwoners aan het dagelijks leven in hun buurt en aan het meedenken in de gemeente Oisterwijk
  • De nodige zorg, hulp en welzijn voor onze inwoners.

Op dit gebied is er afgelopen jaren veel gebeurd. De adviesraad wil dat de bestaande goede activiteiten versterkt en doorgezet worden. Belangrijke voorbeelden van dit beleid zijn:

  • Het versterken van buurten en van samenredzaamheid.

Het aantal inwoners groeit onder andere omdat mensen gemiddeld langer leven en er mensen van buiten Oisterwijk hier komen wonen. Hierdoor neemt de vraag naar zorg toe en omdat er gemiddeld minder kinderen geboren worden, zijn er niet genoeg mensen om alle zorg voor inwoners op zich te nemen.
Inwoners zullen daarom meer voor zichzelf en voor elkaar moeten gaan zorgen; ze worden meer zelfredzaam en samenredzaam. Waar nodig zullen vrijwilligers en mantelzorgers ondersteuning bieden. De gemeente ziet erop toe dat vrijwilligers en mantelzorgers meer ondersteund worden. Uit situaties waar dat al zo werkt, blijkt dat mensen positiever zijn over hun leven en de kwaliteit daarvan.
Waar professionele hulp nodig is kunnen inwoners een beroep doen op Loket Wegwijs.

  • Bouwen van woningen

Belangrijk is ook de bouw van nieuwe woningen of beter nog buurten waar naast actieve mensen ook mensen wonen die met enige burenhulp geholpen zijn. En waar ook mensen kunnen wonen met een kleinere beurs.

  • Jeugdzorg

Gelukkig gaat het met veel jongeren goed. Maar met een steeds groter aantal gaat het helaas minder goed. Eén op de zeven kinderen krijgt jeugdzorg. Dat is heel veel en de gemeente is er nu op gericht om met hulp dichtbij (leerlingbegeleiding, buurtgezinnen etc.) de mogelijkheden voor jongeren te verbeteren en veel problemen te voorkomen. Blijkt er echt beroepsmatige hulp nodig te zijn dan moet die er snel komen.

  • Luister naar de inwoners

Tenslotte hebben veel inwoners het gevoel dat de gemeente zich niet om hun lot bekommerd. Maar onze gemeente heeft belangrijke stappen gezet om dat vertrouwen te herstellen. Zo hebben inwoners in alle kernen de kans om aan te geven wat zij belangrijk vinden voor hun buurt of dorp. Dat zijn initiatieven die doorgezet moeten worden.
De Adviesraad Sociaal Domein vindt het belangrijk dat het nieuwe college op de ingeslagen weg doorgaat. Het zou niet goed zijn voor onze gemeente als er te veel tijd en geld verloren gaat in het opnieuw schrijven van plannen. Wij hopen dat er stevig wordt doorgepakt op de bestaande goede acties. De adviesraad heeft de formateur en de partijen daartoe opgeroepen.

Statushouders: plicht tot inburgering, recht op een woning.

Wat doet de Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk (ASD)?
De Adviesraad Sociaal Domein geeft advies aan het college van burgemeester en wethouders over onderwerpen binnen het sociaal domein, zoals de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, Jeugd- en Ouderenhulp, Schuldhulpverlening en Inburgering. Doel van het advies is om ervoor te zorgen dat het beleid van de gemeente aansluit bij wat onze inwoners nodig hebben. Daarbij horen ook de statushouders, dat zijn de asielzoekers die een (tijdelijke) verblijfsvergunning krijgen, verplicht zijn om in te burgeren en recht hebben op woonruimte.
Wat houdt inburgering voor statushouders in?
Tijdens de inburgering leren statushouders – net als andere ‘nieuwkomers’-  de Nederlandse taal en raken ze bekend met de Nederlandse samenleving. Het inburgeringstraject start met een brede intake, waarna een persoonlijk inburgeringsplan wordt opgesteld.
Statushouders krijgen drie jaar de tijd om aan de inburgeringsplicht te voldoen. Slaagt iemand voor het inburgeringsexamen, dan wordt het inburgeringsdiploma toegekend.
Hoe worden woningen aan statushouders toegewezen?
Gemeenten zijn wettelijk verplicht te zorgen voor passende woonruimte voor statushouders en hebben de mogelijkheid hen voorrang te geven op andere woningzoekenden. Van wege hun zwakke uitgangspositie – zij vluchtten immers voor gevaar, hebben geen sociaal vangnet en konden geen wachttijd opbouwen, doordat ze direct uit de asielopvang komen – worden statushouders gerekend tot de ‘urgentiecategorieën’, evenals bijvoorbeeld slachtoffers van huiselijk geweld, mensen met een beperking en ex-gedetineerden.

Wat passende woonruimte is – bijvoorbeeld een sociale huurwoning, een tijdelijke woonvorm of een gedeelde woning – wordt vooral bepaald door de grootte en de samenstelling van het gezin.
Hoeveel statushouders krijgen een woning toegewezen?
Elk half jaar bepaalt de Rijksoverheid hoeveel statushouders een gemeente een woning moet aanbieden. Voor de eerste helft van 2026 gaat het voor de gemeente Oisterwijk om 28 mensen. Doordat de afgelopen jaren een achterstand was ontstaan wachten momenteel 95 statushouders, soms al lage tijd, op een woning. Een groot deel van hen woont nog in het AZC en houdt daar schaarse plekken bezet. Dit bemoeilijkt hun inburgering. De oorzaak van deze achterstand is o.a. de krapte op de woningmarkt.
Wat zijn de gevolgen voor reguliere woningzoekenden?
Voor reguliere woningzoekenden heeft de gemeente geen rol bij het toewijzen van woningen, dit doen de woningcorporaties. Hier hangt de gemiddelde wachttijd af van het ‘huishoudtype’ (alleenstaanden, eenoudergezinnen, paren, paren met kinderen) en hoe actief mensen zelf op zoek zijn. Gemiddeld is de inschrijfduur 12,3 jaar en de zoektijd – dat is de tijd tussen de eerste reactie op een woning en de toewijzing – 18,1 maanden.
Dat statushouders en andere urgentiecategorieën soms voorrang krijgen op andere woningzoekenden heeft een zeer geringe invloed op de wachttijden.
Wat zegt het nieuwe regeerakkoord hierover?
Volgens het nieuwe regeerakkoord houden gemeenten voorlopig het recht statushouders voorrang te verlenen bij het toekennen van een woning. Dat is goed nieuws voor de statushouders en de gemeenten die de plicht hebben hen te huisvesten. Ook stelt het nieuwe kabinet stevige maatregelen voor om vaart te brengen in de woningbouw en dat is goed voor alle woningzoekenden. Hopelijk biedt dit nieuwe beleid de gemeente Oisterwijk mogelijkheden om het gewenste tempo te maken bij het vergroten van het aantal woningen.
Wat gaat de ASD adviseren?
De adviesraad volgt de ontwikkelingen rond asielzoekers, inburgering, de integratie van statushouders en het beleid van de gemeente Oisterwijk in dezen op de voet. Veel problemen zijn te herleiden tot het gebrek aan woningen, niet alleen voor statushouders, maar voor alle andere woningzoekenden. Problematisch is ook dat de voorrang van statuszoekers bij het toewijzen van woningen ten onrechte als oorzaak van het woningtekort wordt aangeduid. Daarom heeft de ontwikkeling van woonruimte voor de ASD nu prioriteit en ze zal hierover waar nodig advies uitbrengen.

Wat doet de Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk?

De adviesraad bestaat uit inwoners die met hun betrokkenheid, ervaring, kennis en kunde, de bevolking zo breed mogelijk vertegenwoordigen. Ze doen dit o.a. op het gebied van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, Jeugd- en Ouderenhulp, Schuldhulpverlening en Inburgering.
Het afgelopen jaar heeft de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) een advies uitgebracht aan het college van Burgemeester en Wethouders van onze gemeente over de ondersteuning van mantelzorgers in onze gemeente.
Wat verstaan we onder mantelzorg?
Mantelzorg is de zorg voor chronisch zieken, gehandicapten en hulpbehoevenden door familieleden, vrienden kennissen en buren. Het vaak om langdurige onbetaalde zorg en is vaak gebaseerd op een sterke persoonlijke band tussen zorgvrager en zorgverlener.


De toename van de mantelzorg is niet alleen uit nood geboren. Mensen willen en moeten ook langer thuis blijven wonen. Naast de overbelasting geeft de mantelzorg ook voldoening.
Inmiddels is er ook een aantal mogelijkheden voor professionele mantelzorg, zowel voor de zorgvrager als voor de mantelzorger zelf. Om het vol te kunnen houden is steun zoals van Saar aan Huis, voor ondersteuning thuis, en van Care-Inn, als logeermogelijkheid, belangrijk.
Omdat Saar aan Huis nog niet bij iedereen bekend is biedt de Adviesraad Sociaal Domein deze organisatie graag de gelegenheid zich voor de stellen aan de lezers van de Nieuwsklok. Onderstaande tekst is door Saar aan Huis aangeleverd.


Saar aan Huis – aanvullende mantelzorg die met u meebeweegt.
Langer prettig thuis blijven wonen, ook wanneer de zorg intensiever wordt. Saar aan Huis ondersteunt ouderen met aanvullende mantelzorg, ook bij dementie. De Saars bieden persoonlijke aandacht en praktische hulp, thuis én in woonzorgcentra of verpleeghuizen. Altijd afgestemd op uw wensen, zodat u zelf de regie houdt over uw eigen leven.
De client bepaalt welke ondersteuning gewenst is aan de hand van eigen ritme, wensen en gewoonten. Saars bieden gezelschap en een luisterend oor. Zij kunnen helpen met boodschappen, het bereiden van maaltijden, samen wandelen, een museum bezoeken en gaan bijvoorbeeld mee naar de dokter.

Daarnaast zijn wij er voor mantelzorgers die veel op hun schouders dragen. Familie en vrienden helpen graag, maar dat is niet altijd voldoende of haalbaar. De Saars nemen dan zorg en aandacht over, tijdelijk of structureel. Zo hoeft u het niet alleen te doen.
Saar aan Huis heeft vestigingen door heel Nederland. Er is altijd een Saar bij u in de buurt.
Saar aan Huis kan particulier betaald worden, vanuit een persoonsgebonden budget (PGB) en wordt steeds vaker (deels) vergoed vanuit het aanvullend pakket van de mantelzorger.
Saar aan Huis werkt samen met zorgorganisaties, zorgverleners, casemanagers en mantelzorgmakelaars.

Mantelzorg doen we samen.
Saar aan Huis regio Tilburg
Contactpersoon is Simone Puts; E. tilburg@saaraanhuis.nl
T. 013 – 208 33 77

Rectificatie

In een vorig artikel schreven we over de activiteiten van Vluchtelingenwerk. Daarin is een storende fout geslopen.
We schreven dat inburgeraars 2 uur per week taalles krijgen.

Dat moet echter 3 dagdelen per week zijn.

Advies naar aanleiding van Rekenkameronderzoek “Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” en de bestuurlijke reactie hier op

Oisterwijk, 15 november 2025
Betreft:
Advies naar aanleiding van Rekenkameronderzoek “Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” en de bestuurlijke reactie hier op

Geacht College,
Hierbij ontvangt u vanuit de Adviesraad Sociaal Domein het advies naar aanleiding van Rekenkameronderzoek
“Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” en de bestuurlijke reactie hier op.
Inleiding
Eind 2024 leverde de rekenkamer de Nota van bevindingen betreffende het DoeMee-onderzoek “Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” op. De rekenkamer deed meerdere
aanbevelingen aan het college. Eén daarvan betreft het ontwikkelen van een werkwijze specifiek gericht op inwoners die nu lastig worden bereikt. Op dit aspect wordt in dit advies
nader ingegaan. Het is voor de gemeente en de sociale partners lastig om alle inwoners van de gemeente die worden geconfronteerd met de gevolgen van armoede te bereiken. Dit ondanks de nodige inspanningen op dit vlak. De gemeente wil laagdrempelig zijn voor inwoners met een hulpvraag en stelt zich bereikbaar op voor mensen die de weg naar de gemeente op
eigen kracht vinden. Hier ligt een vacuüm op de loer. Om verschillende redenen weten inwoners de gemeente niet te bereiken of zijn zij zich om verschillende redenen niet of onvoldoende bewust van hun situatie en een eventueel daarmee gepaard gaande hulpvraag.
Laaggeletterdheid, anderstalig zijn, vereenzaamd zijn en last but not least schroom en schaamte zijn maar enkele oorzaken hiervan. De gemeente pakt hulpvragen die binnen komen
zelf op of verwijst door naar partners.
Net als alle andere gemeenten ontvangt de gemeente bericht bij betalingsachterstanden van inwoners bij enkele zorgverzekeraars, sociale woningbouwbedrijven en energiebedrijven.
Hier wordt opvolging aan gegeven in de vorm van het aanbieden van hulp. Voor zover bekend zijn er binnen de gemeente Oisterwijk geen proactieve initiatieven die zijn gericht op inwoners die wellicht hulp behoeven, maar geen hulpvraag stellen.
Hulpvraag en hulp zonder vraag
De gemeente staat goed open voor inwoners die een hulpvraag op het gebied van hun bestaanszekerheid hebben en steunt maatschappelijke partners die zich in dit veld bewegen.
Voorbeelden hiervan zijn de Stichting Sociaal Huis Oisterwijk en Stichting Leergeld. Dat is een conclusie die kan worden gebaseerd op de bevindingen van de rekenkamer. Daarnaast
deed de rekenkamer de aanbeveling aan het college tot het ontwikkelen van een werkwijze specifiek gericht op inwoners die nu lastig worden bereikt. Deze groep is breder dan menigeen
zou vermoeden (1) en ook groeiende. Veel werkenden maken geen optimaal gebruik van inkomensondersteunende voorzieningen. Men kent ze niet, heeft schaamte of schroom bij aanvragen of vrees voor mogelijke terugbetalingsverplichting. In 2024 steeg de energiearmoede fors door het stopzetten van steunmaatregelen, na jarenlange stijgingen van de energieprijzen.
De sterk stijgende huurprijzen zetten ook druk op de bestaanszekerheid van velen.
Gezinnen die wel hun zorgpremie, woninghuur en energierekening blijven betalen, maar bezuinigen op voedsel, kleding, opleiding van kinderen en dergelijke kunnen lang of altijd buiten beeld van de gemeente blijven, terwijl wordt geleden onder een chronisch tekort aan middelen die nodig zijn een acceptabel bestaansniveau. Het behoeft geen nader betoog dat een tekort aan middelen van bestaan directe invloed heeft op de ongelijkheid tussen de inwoners van Oisterwijk.
Suggesties voor verbetering
Vrij recent beweegt de gemeente zich richting een meer wijk- of dorpsgerichte aanpak. Het is bekend dat Contour de Twern voor de gemeente werkt aan het actief aanbieden van hulp
laagdrempelig en dichtbij in de wijk. Dit is een belangrijke stap vooruit. Het vragen van hulp wordt wellicht hierdoor makkelijker. De adviesraad is van mening dat hier een actievere rol
van de gemeente kan en mag worden verwacht. Het actief in beeld gaan krijgen van mensen en gezinnen die lijden onder armoede. Dit vergt een andere aanpak dan het laagdrempeliger
worden voor mensen die met een hulpvraag naar buiten komen.
In de bestuurlijke nota waarin het onderzoek van de rekenkamer wordt gerapporteerd staan diverse voorbeelden van gemeenten die hulpvragen niet afwachten. De gemeente Venray maakt bijvoorbeeld in haar beleidskader “Aanpak van Armoede en Schulden 2024-2027” een directe link tussen het ondersteunen van inwoners met financiële problemen en het begeleiden
naar duurzaam werk, een passende opleiding of een andere duurzame oplossing. Een oplossingsgerichte op preventie gerichte aanpak. In Assen heeft de gemeente als oplossing
voor het samenbrengen van veel maatschappelijke partners een regisseur armoede aangesteld.
Dit zijn slechts enkele voorbeelden. Tijdens het onderzoek van de rekenkamer blijken er meerdere beperkende factoren te zijn die de flexibiliteit voor het doen van aanpassingen

_____________________________________________________________
(1) Rapport Verborgen armoede op de werkvloer (NIBUD 2022)

voor de gemeente beperken. Het regionaal geregeld zijn van een aantal thema’s op gebied van armoede wordt als voorbeeld genoemd. Er zijn geen op het beslechten van deze beperkende
factoren gerichte initiatieven binnen de gemeente Oisterwijk bekend. Een regisseur armoede zou in Oisterwijk het nodige in kunnen betekenen.
Uit de Nota Bestaanszekerheid blijkt dat zowel inwoners als maatschappelijke partners aangeven dat er veel verborgen armoede is in Oisterwijk. Dit is niet met data onderbouwd, maar
wel een duidelijk signaal dat kansen voor verbetering zeer gewenst zijn. Het signaal staat niet op zichzelf. In juni 2025 kondigde het kabinet het Nationaal Programma Armoede en
Schulden aan, waarin ook expliciet aandacht wordt gevestigd op werkenden die onder de armoedegrens leven.
Anna Custers, sinds april 2022 lector Armoede Interventies aan de Hogeschool van Amsterdam, wijst er op dat het besef dat armoede iedereen kan raken doordrong na de recente energiecrisis die grote delen van de bevolking hard raakte.
Zij benadrukt ook dat de impact van armoede op kinderen enorm is. (2)
Er is al veel nagedacht en geschreven over het bereiken van inwoners die in stilte lijden onder armoede. Meerdere gemeenten zetten al stappen die binnen de scope van deze uitnodiging
liggen (3), ook dichtbij; Esmah Lahlah, ex-wethouder van de gemeente Tilburg en huidig lid van de Tweede Kamer is een boegbeeld voor de bestrijding van armoede.
Met ingang van 1 januari 2026 is dat – naast de subsidieverstrekking die nu reeds wordt verstrekt – ook in Oisterwijk het geval. Het Loket Wegwijs Oisterwijk, de huisartsen en de jeugdartsen hebben met elkaar afspraken gemaakt hoe ze samenwerken en verwijzen rondom jeugdvragen. (4)
Huisartsen en jeugdartsen zullen vragen rondom jeugd- of opvoedhulp niet zelf verwijzen, maar dit over laten aan de collega’s van Loket Wegwijs Oisterwijk.
Voortaan wordt er standaard een brede uitvraag, intake (triage) uitgevoerd. Belangrijk onderdeel daarbij is de gerichte aandacht voor de financieel economische positie van het gezin en
het kind. Wanneer die situatie problematisch is dan wordt het financiële probleem als eerste aangepakt. In sommige gevallen kan dat preventief werken en kunnen opvoedvragen en andere
jeugdvragen meer beheersbaar worden.
De adviesraad nodigt de gemeente uit tot het ontwikkelen van beleid en het nemen van daarop volgende initiatieven die zijn gericht op het bereiken van inwoners, uitkeringsgerechtigden,
werkenden en ondernemers, die lijden onder de gevolgen van armoede en nu lastig worden bereikt.


Namens de Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk,

Samenstellers:
Jos de Kort, voorzitter Chris Vandeputte
Hans Pijnenburg, secretaris Hans Pijnenburg

_____________________________________________________________
(2) Openhartig 6-2022 Jeugdbescherming. Anna Custers strijdt tegen armoede in Amsterdam
(3) Hoe gemeenten ‘verborgen armen’ kunnen bereiken. Binnenlands Bestuur 01-05-2025
(4) Samenwerking tussen Loket Wegwijs Oisterwijk, huisartsen en jeugdartsen rondom jeugdvragen. Gemeente
Oisterwijk 30-09-2025

Een werkbezoek aan de Voedselbank, we waren onder de indruk…

In het kader van gemeentelijk beleid over bestaanszekerheid heeft de Adviesraad Sociaal Domein in november een werkbezoek gebracht bij de voedselbank in Tilburg. Wij kijken niet alleen naar de papieren werkelijkheid van de politiek en het gemeentelijk apparaat, maar we nemen ook graag een kijkje in de praktijk. Dat spreekt vaak meer dan stevige beleidsstukken.
Beleid en praktijk
De gemeente Oisterwijk heeft de ambitie uitgesproken te streven naar bestaanszekerheid voor al haar inwoners. Daarom is er over dit onderwerp allerlei beleid geformuleerd, regelingen in werking gesteld en hebben verschillende organisaties een rol in bestrijding van armoede en kans-ongelijkheid. De Stichting Tilburgse Voedselbank krijgt subsidie van de gemeente Oisterwijk en zet zich niet alleen in voor huishoudens in Tilburg, maar o.a. ook voor inwoners van Oisterwijk, die om wat voor reden dan ook in financiële problemen zijn gekomen en daardoor geen voedsel meer kunnen kopen. Voedsel dat niet meer verkocht wordt maar nog wel voor consumptie geschikt is, wordt via 4 winkels of uitgiftepunten in Tilburg, Goirle, Oisterwijk en Hilvarenbeek ter beschikking gesteld aan mensen die dit nodig hebben. Momenteel zijn 690 huishoudens als klant geregistreerd bij de voedselbank, waarvan 617 klanten uit Tilburg en 73 uit de regio waarvan 24 huishoudens uit de gemeente Oisterwijk.


”Geen pakket zonder traject”
De voedselbank is een prachtig concept dat ooit werd opgezet door Clara en Sjaak Sies in Rotterdam, maar in onze regio zijn we beter bekend met Pater Poels. Het is begrijpelijk dat armoede gepaard gaat met allerlei onderliggende problematiek en dat bredere aanpak noodzakelijk is om uiteindelijk weer zelfredzaam te worden. Daarom wordt samengewerkt met verschillende hulpverleningsinstanties, zoals schuldhulpverlening, maatschappelijk werk, of verslavingszorg. De maximale termijn van voedselhulp is vastgesteld op 3 jaar, maar door de combinatie met hulpverlening is het vaak na 1 jaar al niet meer nodig.
Duurzaamheid en middelen
Het primaire doel van de voedselbank is om directe voedselhulp te bieden aan de armste mensen, maar goed om te realiseren dat op deze manier ook verspilling van voedsel wordt voorkomen. Er zijn verschillende manieren waarop de voedselbank levensmiddelen en non-food artikelen krijgt voor haar klanten. Het betreft donaties van multinationals zoals Unilever, HAK, Douwe Egberts, Sligro, Makro of Bol. Maar ook supermarkten zoals AH, Jumbo, Aldi of Lidl. En niet te vergeten de plaatselijke winkeliers waaronder bakkers en particulieren.


Voor elkaar en door elkaar
Men werkt in Tilburg aan de Kapitein Hatterasstraat niet alleen als winkel en voedselbank voor inwoners, maar ook als distributiebedrijf voor 30 andere voedselbanken in Brabant en Zeeland. Alle ASD-leden waren flink onder de indruk van het werkbezoek aan de Tilburgse Voedselbank, waarvoor veel dank aan Hans Coninx voor de rondleiding. We zagen een grote goed geoliede organisatie waar alle werkzaamheden door 170 vrijwilligers uitgevoerd worden. In de winkel, in de ICT of administratie. In de logistiek, vervoer of magazijn. In de werving, in crowdfunding, in ….. etc.  Vele handen die op deze manier een steentje bijdragen aan de belangrijke missie van de voedselbank! Goed dat ook de gemeente Oisterwijk in subsidie een steentje bijdraagt. Want ook al betreft het hier misschien een relatief klein aantal inwoners; de voedselbank is van groot belang om in de eerste levensbehoeften te kunnen voorzien.
Meer informatie
Een artikel van 565 woorden is natuurlijk niet toereikend om alle informatie te delen. Voor wie het nodig heeft; voor wie meer wil weten; voor wie eventueel vrijwilliger wil worden… neem een kijkje op de website! https://www.tilburgsevoedselbank.nl/



Advies naar aanleiding van Rekenkameronderzoek “Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” en de bestuurlijke reactie hier op

Geacht College,
Hierbij ontvangt u vanuit de Adviesraad Sociaal Domein het advies naar aanleiding van Rekenkameronderzoek
“Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” en de bestuurlijke reactie hier op.
Inleiding
Eind 2024 leverde de rekenkamer de Nota van bevindingen betreffende het DoeMee-onderzoek “Armoede en ongelijkheid in de gemeente Oisterwijk” op. De rekenkamer deed meerdere aanbevelingen aan het college. Eén daarvan betreft het ontwikkelen van een werkwijze specifiek gericht op inwoners die nu lastig worden bereikt. Op dit aspect wordt in dit advies nader ingegaan. Het is voor de gemeente en de sociale partners lastig om alle inwoners van de gemeente die worden geconfronteerd met de gevolgen van armoede te bereiken. Dit ondanks de nodige inspanningen op dit vlak. De gemeente wil laagdrempelig zijn voor inwoners met een hulpvraag en stelt zich bereikbaar op voor mensen die de weg naar de gemeente op eigen kracht vinden. Hier ligt een vacuüm op de loer. Om verschillende redenen weten inwoners de gemeente niet te bereiken of zijn zij zich om verschillende redenen niet of onvoldoende bewust van hun situatie en een eventueel daarmee gepaard gaande hulpvraag.
Laaggeletterdheid, anderstalig zijn, vereenzaamd zijn en last but not least schroom en schaamte zijn maar enkele oorzaken hiervan. De gemeente pakt hulpvragen die binnen komen
zelf op of verwijst door naar partners.
Net als alle andere gemeenten ontvangt de gemeente bericht bij betalingsachterstanden van inwoners bij enkele zorgverzekeraars, sociale woningbouwbedrijven en energiebedrijven. Hier wordt opvolging aan gegeven in de vorm van het aanbieden van hulp. Voor zover bekend zijn er binnen de gemeente Oisterwijk geen proactieve initiatieven die zijn gericht op inwoners die wellicht hulp behoeven, maar geen hulpvraag stellen.

Hulpvraag en hulp zonder vraag
De gemeente staat goed open voor inwoners die een hulpvraag op het gebied van hun bestaanszekerheid
hebben en steunt maatschappelijke partners die zich in dit veld bewegen. Voorbeelden hiervan zijn de Stichting Sociaal Huis Oisterwijk en Stichting Leergeld. Dat is een conclusie die kan worden gebaseerd op de bevindingen van de rekenkamer. Daarnaast deed de rekenkamer de aanbeveling aan het college tot het ontwikkelen van een werkwijze specifiek gericht op inwoners die nu lastig worden bereikt. Deze groep is breder dan menigeen zou vermoeden 1 en ook groeiende. Veel werkenden maken geen optimaal gebruik van inkomensondersteunende voorzieningen. Men kent ze niet, heeft schaamte of schroom bij
aanvragen of vrees voor mogelijke terugbetalingsverplichting. In 2024 steeg de energiearmoede fors door het stopzetten van steunmaatregelen, na jarenlange stijgingen van de energieprijzen.
De sterk stijgende huurprijzen zetten ook druk op de bestaanszekerheid van velen. Gezinnen die wel hun zorgpremie, woninghuur en energierekening blijven betalen, maar
bezuinigen op voedsel, kleding, opleiding van kinderen en dergelijke kunnen lang of altijd buiten beeld van de gemeente blijven, terwijl wordt geleden onder een chronisch tekort aan
middelen die nodig zijn een acceptabel bestaansniveau. Het behoeft geen nader betoog dat een tekort aan middelen van bestaan directe invloed heeft op de ongelijkheid tussen de inwoners van Oisterwijk.

Suggesties voor verbetering
Vrij recent beweegt de gemeente zich richting een meer wijk- of dorpsgerichte aanpak. Het is bekend dat Contour de Twern voor de gemeente werkt aan het actief aanbieden van hulp
laagdrempelig en dichtbij in de wijk. Dit is een belangrijke stap vooruit. Het vragen van hulp wordt wellicht hierdoor makkelijker. De adviesraad is van mening dat hier een actievere rol van de gemeente kan en mag worden verwacht. Het actief in beeld gaan krijgen van mensen en gezinnen die lijden onder armoede. Dit vergt een andere aanpak dan het laagdrempeliger worden voor mensen die met een hulpvraag naar buiten komen.

In de bestuurlijke nota waarin het onderzoek van de rekenkamer wordt gerapporteerd staan diverse voorbeelden van gemeenten die hulpvragen niet afwachten. De gemeente Venray maakt bijvoorbeeld in haar beleidskader “Aanpak van Armoede en Schulden 2024-2027” een directe link tussen het ondersteunen van inwoners met financiële problemen en het begeleiden
naar duurzaam werk, een passende opleiding of een andere duurzame oplossing. Een oplossingsgerichte op preventie gerichte aanpak. In Assen heeft de gemeente als oplossing
voor het samenbrengen van veel maatschappelijke partners een regisseur armoede aangesteld. Dit zijn slechts enkele voorbeelden. Tijdens het onderzoek van de rekenkamer blijken
er meerdere beperkende factoren te zijn die de flexibiliteit voor het doen van aanpassingen voor de gemeente beperken.
____________________________________________________________
(1) Rapport Verborgen armoede op de werkvloer (NIBUD 2022)

Het regionaal geregeld zijn van een aantal thema’s op gebied
van armoede wordt als voorbeeld genoemd. Er zijn geen op het beslechten van deze beperkende factoren gerichte initiatieven binnen de gemeente Oisterwijk bekend. Een regisseur
armoede zou in Oisterwijk het nodige in kunnen betekenen.

Uit de Nota Bestaanszekerheid blijkt dat zowel inwoners als maatschappelijke partners aangeven dat er veel verborgen armoede is in Oisterwijk. Dit is niet met data onderbouwd, maar
wel een duidelijk signaal dat kansen voor verbetering zeer gewenst zijn. Het signaal staat niet op zichzelf. In juni 2025 kondigde het kabinet het Nationaal Programma Armoede en
Schulden aan, waarin ook expliciet aandacht wordt gevestigd op werkenden die onder de armoedegrens leven. Anna Custers, sinds april 2022 lector Armoede Interventies aan de Hogeschool
van Amsterdam, wijst er op dat het besef dat armoede iedereen kan raken doordrong na de recente energiecrisis die grote delen van de bevolking hard raakte. Zij benadrukt ook dat de impact van armoede op kinderen enorm is (2).

De adviesraad nodigt de gemeente uit tot het ontwikkelen van beleid en het nemen van daarop volgende initiatieven die zijn gericht op het bereiken van inwoners, uitkeringsgerechtigden,
werkenden en ondernemers, die lijden onder de gevolgen van armoede en nu lastig worden bereikt. Er is al veel nagedacht en geschreven over het bereiken van inwoners die in stilte lijden onder armoede. Meerdere gemeenten zetten al stappen die binnen de scope van deze uitnodiging liggen (3), ook dichtbij; Esmah Lahlah, ex-wethouder van de gemeente Tilburg en huidig
lid van de Tweede Kamer is een boegbeeld voor de bestrijding van armoede.

Namens de Adviesraad Sociaal Domein Oisterwijk,

Samenstellers:
Jos de Kort, voorzitter Chris Vandeputte
Hans Pijnenburg, secretaris Hans Pijnenburg


_____________________________________________________________
(2) Openhartig 6-2022 Jeugdbescherming. Anna Custers strijdt tegen armoede in Amsterdam
(3) Hoe gemeenten ‘verborgen armen’ kunnen bereiken. Binnenlands Bestuur 01-05-2025